Er bestaan geen pasklare antwoorden of recepten. Oriëntaties echter wel.

Ze willen helpen om in onze geseculariseerde samenleving werk te maken van de grote uitdaging voor de kerk:


de overdracht van het geloof.

Initiatie
Eerste verkondiging

Het catechumenaat
De mystagogie
 

 


Initiatie

 [“Je wordt niet als christen geboren, je moet het worden.” Tertullianus]

- De term initiatie tekent het discours over de catechese in onze tijd. Met deze term wordt de weg bedoeld die gegaan moet worden om christen te worden, de gelovige groeit in een identiteit die bepalend is voor het leven. Initiatie gaat over een proces dat zich afspeelt op inhoudelijk vlak, maar zeker ook op het vlak van vieren en beleven. Initiatie betekent dat de catechese niet alleen uitlegt, maar ook inleidt, en wel in het leven dat Christus is. Uitleg en beleving gaan gelijk op, het een kan niet zonder het ander bestaan.

Als de mens geraakt is door het geloof en deze wereld binnentreedt, wordt hij steeds verder geïnitieerd. Je komt steeds meer thuis, in je relatie met God, in de kerk, in het gebed, in het leven volgens het evangelie. Er ontstaat een relatie die niet bestaat uit kennis, maar ook uit een beleving en een concrete levenshouding. Een relatie verdiept zich, het geloof maakt nieuwsgierig. Je wilt beter en dieper leren kennen. Initiatie is een permanent proces.

Gelovig zijn betekent dat men groeit en steeds meer “ondergedompeld” wordt in en deel heeft aan het geloofsmysterie. Gelovig zijn is dus nooit een vanzelfsprekend en vaststaand onderdeel van het leven maar vraagt steeds een kiezen en groeien. Een gelovige is altijd in beweging.

Aan de catechist, die Christus als de eigenlijke initiator erkent, is in deze een belangrijke taak toebedeeld. Christus is de drager van elke catechese, de catechist is in de naam van de Kerk de begeleider. De catechist geeft het leven door en probeert de geloofservaring van de ander te bevorderen. De catechist is niet zelf de oorzaak van deze ervaring, ze is door God in het hart van de mens ‘geplant’. Aan de catecheet is het om de gave van het geloof mee te onderhouden, te voeden en haar groei te ondersteunen. 

 

Eerste verkondiging

[“Je moet opnieuw geboren worden.” Joh 3,3]

- Geloven is meer dan het hebben van een bepaalde mening. Als je gelooft, ben je opnieuw geboren. Je bent ‘van binnen’ omgevormd, een nieuw leven binnengegaan. Maar voordat het zover is, moet er eerst sprake zijn van de eerste verkondiging. Hiermee wordt ‘het allereerste’ bedoeld dat over ons geloof gezegd wordt. ‘Het allereerste’ bestaat uit het geraakt worden door het evangelie, in het hart. Dat kan trouwens niet worden gecreëerd, dat wordt gegeven. Dat wordt ook niet bereikt door steeds meer na te denken, dat overkomt je ineens. Uiteindelijk hebben we het geloof niet in de hand, het is een genade.

Wel is een wervende, evangeliserende en missionerende kerk gevraagd, vol vreugde en enthousiasme! Men moet spreken over het evangelie tot mensen binnen en buiten de kerk alsof het de eerste keer is. De kerk volgt Paulus die zegt: “Ik kan niet anders, en het zou me slecht vergaan als ik het niet zou doen” (1 Kol.9,16). Alleen zo kan de Geest het hart van de mens ontvankelijk maken voor God.

Eerste verkondiging betreft dus de basale verkondiging en nodigt uit tot bekering. De catechese werkt deze eerste verkondiging vervolgens verder uit. Je wilt immers meer weten en beleven. Eerste verkondiging en catechese zijn overigens niet van elkaar te scheiden. Catechese zonder eerste verkondiging gaat langs mensen heen. Eerste verkondiging zonder catechese blijft steken in vaagheid. De eerste de beste tegenslag zou het engagement doen verdwijnen.

Uiteindelijk moet de eerste verkondiging wel gehoord worden. Dat betekent dat de verkondiging steunt op de overgave van de catechisant. Hij heeft Iemand horen spreken die zijn hart heeft weten te raken. Je zou dit het doel kunnen noemen van de eerste verkondiging: dat de catechisant “door te luisteren tot geloof komt” (cfr. Rom 10,14).

Zonder deze ervaring ontbreekt het fundament voor de catechese. Elke catechese heeft z’n wortels in de eerste verkondiging. Zonder de overgave die voortkomt uit de eerste verkondiging is elke catechese als het zaad dat op de rotsbodem valt

 

Het catechumenaat

 [“Zo wil ik hen bemoedigen en hen in liefde bijeenhouden, opdat ze tot de volle rijkdom van allesomvattend inzicht komen, tot de kennis van Gods mysterie: Christus, in wie alle schatten van wijsheid en kennis verborgen liggen.” (Kol 2,1-3)]

- Om de vruchtbaarheid van de catechese te vergroten, wordt in onze dagen het catechumenale model opnieuw nadrukkelijk onder de aandacht gebracht. Dit model zou de allereerste vorm van catechese genoemd kunnen worden en heeft zijn sporen in de loop der eeuwen meer dan verdiend. Op dit moment kan er met name in Frankrijk gesproken worden van een levendig catechumenaat: elke Paasnacht worden honderden nieuwe christenen verwelkomd in de geloofsgemeenschappen.

Wezenlijk aan het catechumenaat is dat het binnenkomen in geloof gebeurt via etappes. Stapsgewijs leeft de gelovige zowel catechetisch als ook liturgisch naar het ontvangen van het sacrament toe. Stapsgewijs omdat het geen enkele zin heeft om een mens te overdonderen met een massieve boodschap. Er dient respect te zijn voor de fase waarin de gelovige verkeert.

Bovendien, men kan een mens God niet opleggen. God wordt gezocht, naar Hem wordt verlangd.

De etappes die men van oudsher op weg naar het ontvangen van de initiatiesacramenten grofweg zou kunnen onderscheiden zijn: de opname op verzoek van de gelovige (bekering), de uitverkiezing die gepaard gaat met het ontvangen van het Onze Vader en de Geloofsbelijdenis, het ontvangen van de initiatiesacramenten (doop, eucharistie, vormsel), bij voorkeur in de Paasnacht. In onze tijd zal het catechumenale model vooral vorm krijgen door etappes die gekenmerkt worden door: de oproep tot bekering, het vertellen van bijbelse verhalen, de inleiding in het gebed en de ontmoeting met de geloofsgemeenschap.

Uiteindelijk zal na een periode van voorbereiding de leerling tijdens de Paasnacht zijn eigen doortocht maken van dood en kwaad naar leven en licht. Cyrillus van Jeruzalem schrijft over de doop tijdens de Paasnacht in zijn tweede mystagogische catechese (nummer 4): “Als een mysterie van sterven en geboren worden, zo is dit water van heil voor jullie graf en moeder geweest…

Het catechumenaat als voorbereiding op de sacramenten betekent dus dat de leerling een weg gaat die hem het leven doet binnentreden. Verlicht door het geloof ontdekt de leerling dat het leven zin heeft, dat God heel persoonlijk een beroep op hem doet.

Over de Eucharistie die tijdens de Paasnacht voor het eerst door de leerlingen ontvangen wordt, schrijft Cyrillus van Jeruzalem in zijn vierde mystagogische catechese (nummer 12): “Onder de gedaante van brood is het zijn lichaam dat je ontvangt en onder die van wijn zijn bloed, opdat door deel te hebben aan het lichaam en bloed van Christus, je met Hem nog slechts één lichaam en één bloed wordt. Aldus worden wij “Christusdragers” (Christoffel), aangezien zijn lichaam en bloed zich in onze ledematen verspreiden.”

Het catechumenaat wil de leerlingen dus niet bezitten door hen te onderwerpen aan examens of hen een pakket aan morele voorschriften op te leggen. Het catechumenaat is de bedding voor de mysterieuze ontmoeting tussen God en de leerling in de persoon van Jezus Christus.

Deze Jezus Christus is geen abstract idee of een systeem van theologische waarheden die God direct waarneembaar heeft uitgestald. Hij heeft geleefd op deze aarde. Hij sprak in woorden die de onze zijn en handelde in een bepaalde tijd en ruimte. Het geloof werd dus niet geleerd (Jezus was geen onderwijzer noch opende Hij scholen), maar beleden en geleefd. Daartoe dient het catechumaat, om de leerlingen met deze Jezus Christus in contact te brengen en hen op te roepen om in zijn voetspoor te treden. Om stapsgewijs te ontdekken dat je in Jezus Christus deel hebt aan een unieke verhouding met God. 



 

De mystagogie

[‘Als gij het Lichaam van Christus zijt door uw doopsel en door de viering van de Eucharistie, dan ligt uw geheim op de tafel van de Heer, dan ontvangt gij uw geheim’, Augustinus]
 
Het ontvangen van het sacrament betekent geen einde. Nu begint het pas! De mystagogische fase is er op gericht om het ontvangen sacrament tot bloei te brengen. Het verlangen is gewekt en woorden worden steeds meer gegeven. De christen is uitgenodigd om God te zoeken die altijd aanwezig is in het nu en tegelijkertijd zichzelf verbergt in de toekomst. God heeft zich volledig geopenbaard aan de mensheid en blijft toch een groot mysterie.
Je treedt steeds dieper binnen in het mysterie dat je in geloof en sacramenten hebt ontvangen. Je ontdekt dat het geloofsgeheim dat aanvankelijk misschien vooral als object verhelderd werd, nu steeds meer jouw ‘persoonlijke’ geheim wordt. Steeds meer mag je ontdekken wat het voor jou betekent om christen te zijn?
 
Dit gebeurt door middel van catechese maar zeker ook door het vieren van de liturgie. Nergens ervaart men het geloofsmysterie immers meer dan in de liturgie. Zo begrijp je beter en ben je beter in staat om je geloof waar te maken in het leven van alle dag. Door steeds weer liturgie te vieren, worden steeds weer  nieuwe geloofswerkelijkheden ontdekt, die van grote waarde zijn voor het dagelijkse leven. Regelmatige kerkgang is dan ook niet vervelend maar veel meer verdiepend en verrijkend.
 
De ondersteuning van een christelijke geloofsgemeenschap is daarbij van wezenlijk belang. In de geloofsgemeenschap beleef je de realiteit die je tijdens het catechumenaat hebt ‘geleerd’. Hier kan je groeien en vruchten dragen. Je bent ‘ingelijfd’ in Christus en mag dit in de kerk concreet beleven. Je staat er in een levende traditie, door deze traditie word je met de oorsprong verbonden en ontvang je levenskracht.
 
Mystagogie en permanente catechese zijn nauw met elkaar verbonden. Groeien in geloof is een proces dat een leven lang duurt. Steeds opnieuw kom je tot de verrassende ontdekking welke rijkdom het geloof  heeft voor jouw persoonlijke leven heeft. De geloofstocht door het leven is echt een ontdekkingstocht! Steeds weer nieuwe omstandigheden laten de mens hun geloof op een nieuwe wijze beleven. Het Woord van God is nooit zonder geheimen.